De VVT kreeg er in 2025 per saldo medewerkers bij. Toch groeit in het gebruikte prognosescenario het verschil tussen personeelsvraag en aanbod sterk. Dat is geen tegenspraak, maar het gevolg van een zorg- en personeelsvraag die sneller stijgt dan het beschikbare aanbod.
AZW telt 479.800 werknemers in het eerste kwartaal van 2025 en 503.600 werkenden inclusief zelfstandigen in de prognosebasis. In scenario Referentie plus Beleid loopt het berekende tekort op van 21.500 personen in 2025 naar 126.800 in 2035. Voor HR is dit een scenariowaarschuwing, geen lokaal formatiegetal.
Groei en tekort kunnen tegelijk waar zijn
Tussen het eerste kwartaal van 2024 en 2025 stroomden volgens AZW 64.720 medewerkers de VVT in en verlieten 51.640 medewerkers de branche. Het saldo was daardoor positief: 13.080 medewerkers. Tegelijk waren er in het tweede kwartaal van 2025 21.250 openstaande vacatures. Netto groei zegt dus dat de branche groter werd, niet dat alle benodigde plaatsen konden worden vervuld.
Ook de gebruikte populatie vraagt aandacht. Het werknemerscijfer van 479.800 gaat over medewerkers in loondienst in het eerste kwartaal van 2025. De 503.600 in het prognosemodel betreft de vervulde vraag inclusief zelfstandigen. Wie deze cijfers in één dashboard zet zonder definitie en periode, creëert schijnbare tegenstrijdigheid.
Lees de prognose als scenario, niet als personeelsbudget
In scenario Referentie plus Beleid groeit de vervulde personeelsvraag volgens AZW van 503.600 in 2025 naar 541.900 in 2035, een stijging van 8 procent. De totale vraag groeit sneller dan het aanbod. Daardoor loopt het modeltekort in hetzelfde scenario op van 21.500 naar 126.800 personen.
De uitkomst hangt af van aannames over demografie, beleid, zorgvraag en arbeidsaanbod. Een andere beleidsontwikkeling of organisatiewijze kan de uitkomst veranderen. De prognose maakt de orde van grootte zichtbaar, maar voorspelt niet hoeveel vacatures één locatie of regio in 2035 heeft.
De personeelsopgave is groter dan werving
Wanneer de vraag sneller groeit dan het aanbod, kan HR niet uitsluitend op meer instroom sturen. Behoud, contractomvang, roostereffecten, opleidingscapaciteit, taakverdeling en administratieve belasting bepalen mede hoeveel inzet werkelijk beschikbaar blijft. Iedere maatregel raakt bovendien een andere termijn: een vacaturecampagne kan snel starten, terwijl een leerroute of andere functiemix pas later capaciteit oplevert.
Dat vraagt een samenhangend personeelsbeeld. Instroom zonder zicht op vroege uitstroom kan groei verhullen die niet duurzaam is. Een hogere contractomvang zonder een werkbaar arbeidspatroon kan juist nieuwe uitval veroorzaken. De relevante vraag is daarom niet alleen hoeveel mensen binnenkomen, maar hoeveel gekwalificeerde inzet per team beschikbaar en houdbaar blijft.
Vertaal branchedata naar functie, locatie en tijd
Een bruikbare lokale prognose scheidt uitbreidingsvraag, vervangingsvraag en ongedekte diensten. Maak per functie en locatie zichtbaar welke uitstroom te verwachten is, hoeveel begeleidingscapaciteit beschikbaar is en welke contracturen daadwerkelijk inzetbaar zijn. Voeg pas daarna landelijke of regionale scenario's toe als referentie.
Leg bij iedere indicator de definitie vast. Een vacature, formatieplaats, medewerker, fte en inzetbaar uur zijn verschillende eenheden. Door die begrippen niet te vermengen, ontstaat een personeelsplan dat bestuur, HR en planning op dezelfde manier kunnen lezen.
Toepassen
Werkgeverscheck
Gebruik deze controlelijst als startpunt. De concrete situatie en actuele primaire bron blijven bepalend.
- Scheid werknemers, zelfstandigen, personen, fte en inzetbare uren in rapportages.
- Maak uitbreidingsvraag en vervangingsvraag per functie en locatie afzonderlijk zichtbaar.
- Meet instroom én behoud na 6, 12 en 24 maanden per instroomroute.
- Breng pensionering, vrijwillige uitstroom en interne doorstroom apart in kaart.
- Koppel opleidingsplaatsen aan beschikbare begeleiding op de werkvloer.
- Gebruik de landelijke prognose als scenario, niet als lokaal streefcijfer.
Waar de grens ligt
De AZW-prognose is een landelijk scenario voor de branche. Regio, zorgvorm, cliëntmix, bekostiging, productiviteit en organisatiemodel bepalen de lokale uitkomst. Een lokale capaciteitsbeslissing vraagt daarom eigen gegevens en expliciete aannames.
Bronverantwoording
Primaire en sectorale bronnen
Geraadpleegd op 11 augustus 2026. We volgen relevante wijzigingen en actualiseren wanneer de norm, data of bron verandert.
- AZW: De staat van de arbeidsmarkt VVT 2025Werknemers, in- en uitstroom, vacatures, werkgelegenheid en scenariotoelichting.
- AZW: Arbeidsmarktprognose VVT 2025-2035Prognose van het personeelstekort in scenario Beleid.